Willem Abma

gesprekstherapeut

Kiezen is ook verliezen

Soms is het belangrijker dat je gekozen hebt dan wat je gekozen hebt. Een boude uitspraak, maar er valt veel voor te zeggen gezien de kwelling die meestal het gevolg is van chronische besluiteloosheid. 

 

Kleine keuzes maken we meestal gedachteloos iedere dag bijvoorbeeld wanneer we ons afvragen wat we vandaag eens zullen eten of wanneer we de krant van vandaag doornemen en razendsnel beslissen welke artikelen we in zijn geheel lezen en welke we laten voor wat ze zijn.

 

Er zijn echter andere momenten waarop we voor ons individuele bestaan tot ingrijpender keuzes genoodzaakt worden. Het kopen van kleren kan voor sommigen al heel lastig zijn omdat ze maar niet kunnen beslissen wat voor hen geschikt is. Wanneer tegenover een redelijk ruim budget een overvloedig aanbod staat, is de keuze waar het materiële zaken betreft inderdaad vaak lastig. Echt ingewikkeld wordt het echter wanneer het om immateriële aangelegenheden gaat. Om dit te illustreren het volgende verhaal van een jonge vrouw van ± 30 jaar.

 

' Sinds een dik jaar heb ik een vaste relatie. Mijn vriend met wie ik inmiddels samenwoon is een prima kerel. Wel wat gesloten, maar wij kunnen het uitstekend vinden. Toch word ik gigantisch heen en weer geslingerd tussen hem en zijn boezemvriend, toevallig een collega van mij bij het grote bedrijf in de Randstad waar hij en ik samen werken. Hij heeft dingen die mijn vriend niet heeft en omgekeerd. Soms droom ik dat ik met mijn collega wandel. Soms blijft het daar niet bij, wat ik verschrikkelijk vind. Dat geeft mij ongelooflijk veel schuldgevoelens. Het is om gek van te worden. Het zijn gedachten, dromen die mij in een soort wurggreep houden. Ik zou puur en alleen willen houden van mijn vriend, maar er is iets dat mij dag en nacht dwingt in de richting van die ander.'

 

Met de constatering dat hier sprake is van een obsessie of dwanggedachten mag m.i. niet worden volstaan. Wat maakt dat deze jonge vrouw niet kan kiezen en ten prooi is gevallen aan een soort innerlijke verscheurdheid? Het antwoord of een belangrijk deel daarvan volgt een paar sessies later wanneer ze tamelijk terloops vertelt dat ze vroeger een soort pendeldienst heeft onderhouden. 'Bij mij thuis communiceerden mijn ouders niet meer met elkaar. En als dat wel gebeurde dan was er een vreselijke ruzie. Ik heb altijd geprobeerd de spanning weg te nemen. Voortdurend was ik in de weer met bemiddelen tussen die twee. Vaak moest ik van de ene wat doorgeven aan de ander en omgekeerd. Je zag mijn ouders hun verdriet aan. Ik troostte hen.' Dit onthutsende verhaal ging nog even door. Maar de ingrediënten die van belang zijn om haar huidige gedrag en wat zij daarvan herhaalt te begrijpen zijn hiermee grotendeels wel gegeven. De loyaliteit van een kind aan de ouders kan onder de boven geschetste omstandigheden moordend zijn waar het kind de genegenheid van geen van beiden wil verliezen. Een kind wil niet moeten kiezen tussen ouders, het wil beide ouders! Het ontbrak in het oudergezin van mijn cliënte aan een veilige thuishaven. Het was andersom: spanningen en onveiligheid voerden de boventoon, er was geen geborgenheid. In zo'n sfeer ontwikkelt zich niet, of met de grootste moeite het vermogen om rustig beslissingen te nemen, keuzes te maken. In plaats van besluitvaardigheid is dan veeleer besluiteloosheid het gevolg. Opvallend bij deze vrouw is ook de herhaling van de angst om zich aan iemand te binden ten koste van de genegenheid van de ander, althans voor haar gevoel. Nadat ze er emotioneel en door inzicht in was geslaagd om haar partner en zijn vriend van de 'ouderlijke' trekken te ontdoen, lukte het haar te kiezen voor de één en vrede te hebben met het verliezen als potentiële partner van de ander. Ze kwam tot het besef dat het vermogen om te kiezen een groot goed is en dat wat we kiezen winst kan opleveren tegenover het verlies van de mogelijkheden die we bij onze keuzes hebben laten liggen. 

Menselijke trekjes

Eerzucht, eergevoel, ijdelheid en trots, het zijn van die algemeen-menselijke trekjes die voor de bezitter op den duur zelden positief uitpakken. In studieboeken lees je er weinig tot niets over. Toch kunnen deze karaktereigenschappen een stempel op iemands leven drukken.

 

Trots

Laten we eens beginnen met het woord trots. In positieve zin kan het worden opgevat als zelfgevoel, fierheid. Maar meestal heeft het woord een negatieve lading of het nu als bijvoeglijk of als zelfstandig naamwoord wordt gebruikt. Een en ander blijkt trouwens ook uit wat de concordantie op het Oude en Nieuwe Testament (Dee en Schoneveld) onder het trefwoord 'trots' vermeldt. Ik noem U een paar voorbeelden. In Ps. 10:2 staat: 'Over de trots van de goddeloze is de ellendige ontstoken- laat hen verstrikt worden in de boze plannen die zij bedacht hebben.' En in Ps. 31:19 staan de zeer behartenswaardige woorden: 'Laten de leugenlippen verstommen, die tegen de rechtvaardige verwaten spreken, met trots en hoon.' 'Grutskens is in minne kwaal,' sprak de oude wijze koster die ik in het dorp van mijn jeugd mocht meemaken. Hij heeft meer dan gelijk. Mensen die van nature trots zijn, blijken moeilijk wat van het leven te kunnen opsteken. En juist het leven zelf is de belangrijkste leerschool, hoeveel men verder ook aan theorie bij elkaar studeert. Mensen die trots d.w.z. hoogmoedig of hovaardig zijn, laatdunkend of verwaand, laten zich niet dan met grote tegenzin door de leerschool van het leven leiden, laat staan door een goed bedoelde raad van een medemens. Trotse mensen zijn daarom vaak onuitstaanbare figuren en hoewel ze daar allerminst om vragen, verdienen ze toch ons mededogen omdat ze vaak alleen staan.

 

IJdelheid

Een zusje van trots zouden we ijdelheid kunnen noemen. De ijdele is met zichzelf ingenomen, hij lijdt aan een overwaardering en overaccentuering van het positieve van zichzelf. Hij vermaakt zich overdreven met wat hij zichzelf en anderen hem aan positiefs toedichten. Soms leidt zijn zelfingenomenheid tot zelfoverschatting. Niet voor niets wordt in de bijbel ijdelheid als zeer negatief gewaardeerd. Men leze het boek Prediker erop na. IJdelheid  grenst immers aan opgeblazenheid en leugenachtigheid. Wie op zichzelf verliefd is, zoals Narcissus, verdrinkt op den duur in zijn eigen spiegelbeeld in de vorm van een rekening die het leven hem vroeg of laat om zijn hardleerse verwatenheid presenteert. Je kunt trots zijn op wat je gepresteerd hebt, maar de trots en ijdelheid zoals hierboven beschreven zijn helaas van een andere orde en erfelijk getinte eigenschappen; ze lopen als een rode draad door bepaalde families heen. Dit laatste werd mij eens treffend getypeerd door een cliënte van middelbare leeftijd. Ze zei:' Us mem en har mem lieten de arbeiders yn 'e koken sitte, ús heit noege se krekt as syn heit die yn  'e keamer.' Resten de termen eergevoel en eerzucht.

 

Eergevoel

Eerst eergevoel omdat het wel eens als innerlijke trots omschreven wordt en daarmee evenals ijdelheid verwant lijkt aan de meer naar buiten toe gerichte trots. Het zou bij eergevoel dan gaan om een soort trots die niet zozeer anderen geldt, maar de persoon zelf bij wie een besef van eigen eer in het geding is. Mensen met een groot eergevoel voelen zich snel gekrenkt. Hierop voortbordurend kun je zeggen dat mensen die snel te krenken zijn meestal niet een al te groot gevoel van eigenwaarde hebben. Ze missen namelijk de natuurlijke verschansing tegen pittige of pijnlijke opmerkingen van anderen die een gezonde zelfwaardering biedt aan hen die zich redelijk zeker van zichzelf voelen. Mensen met een groot eergevoel maken het zichzelf dan ook niet gemakkelijk in het leven. Zoals ook mag blijken uit meer zuidelijke culturen waar de persoonlijke eer al snel in het geding is met allerlei nare vereffeningen tot gevolg.

 

Eerzucht

Eerzucht tenslotte lijkt de meest onschuldige eigenschap in dit rijtje van vier, al suggereert het woord 'zucht' dat er iets teveel dorst naar eer en bevestiging aanwezig is. De eerzuchtige heeft een sterke drang in zich om bevestiging te ontlenen aan zijn daden en wat anderen daarvan vinden. Niets op tegen zolang het niet ten koste gaat van anderen. Dat laatste wil nog wel eens tegenvallen. In de concordantie op de bijbel kwam ik de woorden 'eergevoel' en 'eerzucht' niet tegen. Laat ik dit stukje daarom besluiten met een uitspraak van de beroemde Duitse filosoof Immanuël Kant die de ijdele, de trotse, de eergevoelige of de eerzuchtige in ons ter harte kan nemen: 'Die Tat ist alles, nichts der Ruhm'.